Golfetiquette

Het golfspel vertrouwt op de integriteit van het individu om rekening te houden met medespelers, met zorg met de baan om te gaan en te spelen volgens de Regels. Iedere speler behoort zich te allen tijde gedisciplineerd te gedragen, beleefdheid en sportiviteit te tonen ongeacht hoe competitief hij of zij ook mag zijn.

De etiquette

De etiquette is een integraal en onlosmakelijk deel van het spel en vertegenwoordigt wereldwijd de waarden van het golfspel. Simpel gezegd is het een leidraad om een mate van eerlijkheid te tonen aan andere spelers zoals je die zelf zou willen ontvangen, bijvoorbeeld of het nu is door het repareren van een pitchmark of het bewust zijn van je schaduw.

De omgeving

Met betrekking tot de omgeving draait het er bij de etiquette om dat je respect hebt voor de baan waarop je speelt en de inspanningen die zijn geleverd om haar te creëren. De etiquette zorgt ervoor dat het spel veilig wordt gespeeld en dat een ander evenveel van zijn of haar ronde kan genieten als jij. Samengevat: hou te allen tijde rekening met iedere andere speler op de baan.

Bunkers

Voor het verlaten van de bunker behoort iedere speler alle voetafdrukken, ophopingen en oneffenheden glad te harken en de bunker achter te laten zoals hij deze zelf zou willen aantreffen.

Plaggen, pitchmarks en spikemarks

Spelers behoren alle uitgeslagen plaggen terug te leggen en beschadigingen aan de green door inslag van de bal (pitchmark) zorgvuldig te herstellen, ongeacht of deze door de speler zelf zijn veroorzaakt. Nadat de hole is uitgespeeld behoren alle spelers beschadigingen die veroorzaakt zijn door golfschoenen (spikemarks) te herstellen alvorens de green te verlaten.

Beschadigingen voorkomen

Spelers behoren te voorkomen dat de baan beschadigd wordt of plaggen worden uitgeslagen bij het maken van een oefenswing, het op de grond slaan van de club, uit boosheid of om welke reden dan ook. Bij het neerleggen van de vlaggenstok op de green behoort de green niet te worden beschadigd. Om beschadigingen aan de (rand van) de hole te voorkomen behoren spelers en caddies niet dicht bij de rand van de hole te staan en voorzichtig te werk te gaan bij het verwijderen en terugplaatsen van de vlaggenstok en het verwijderen van de bal uit de hole. De kop van de putter behoort niet te worden gebruikt om de bal uit de hole te halen. Spelers behoren op de green niet op hun club te leunen, met namen bij het verwijderen van de bal uit de hole. De vlaggenstok behoort altijd te worden teruggeplaatst na het uitspelen van de hole en voor het verlaten van de green. Aanwijzingen in de baan ten aanzien van buggy’s en trolleys dienen strikt te worden opgevolgd. Witte lijnen die voor de green zijn aangebracht mogen niet met buggy’s en trolleys worden overschreden.